Recensie: Mark Manson – De edele kunst van not giving a fuck

“Van populair weblog naar New York Times-bestseller is dit hét boek voor zelfhulphaters! Stop met altijd maar positief zijn, en leer in plaats daarvan om te gaan met je tekortkomingen en de tegenslagen in het leven. Zodra je niet meer wegrent voor je angsten, fouten en onzekerheden maar de pijnlijke waarheid onder ogen durft te zien, vind je de moed en het zelfvertrouwen waar je in deze tijd zo’n behoefte aan hebt. Mark Manson geeft je de tools om te kiezen waar jij om geeft, en dus ook waar je niet om geeft. Dat idee omarmen werkt bevrijdend. Humoristisch en vol goede grappen, maar bovenal ondersteund door wetenschappelijk onderzoek”

De edele kunst van not giving a fuck

Dit boek stond al meer dan een jaar in mijn kast. De titel, en het feit dat het boek erg populair is, trok me aan in de boekwinkel. Ik trek me vaak veel te veel aan van bepaalde zaken en ik dacht dat dat door dit boek misschien iets minder zou kunnen worden. Maar ik las het steeds maar niet. Het stond maanden in mijn kast en ik was met allerlei andere dingen bezig. Totdat ik het nog een keer aangeraden kreeg door een collega: nu was het toch echt tijd om het uit de kast te halen en te beginnen met lezen.

In eerste instantie vond ik het nogal een verwarrend boek.Toen ik het uit had, wist ik nog niet wat ik ervan moest vinden en heb ik het nog een keer gelezen, maar nu als luisterboek. Dat was wat fijner, dan kon ik ondertussen ook andere dingen doen. Eigenlijk vind ik ook dat je dit boek twee keer moet lezen om het echt te laten doordringen en er een solide mening over te vormen. 

Wat me met name irriteerde, was dat veel zaken in dit boek als ‘waarheden’ worden gebracht, terwijl het echt niet waar hoeft te zijn. Ik vind de toon van het boek nogal arrogant, alsof alles wat erin staat klopt. Ik denk dat veel mensen het idee krijgen dat het een geweldig boek is, omdat er veel dingen gezegd wat iedereen zal herkennen. Deze worden achter elkaar opgesomd, waardoor het soms nogal onsamenhangend overkwam, waardoor ik dacht: wat probeert hij nou te zeggen? Wat is nou precies de boodschap hier?

Het boek heet ‘the subtle art of not giving a fuck’, maar eigenlijk gaat het hier helemaal niet over. Ja, het gaat onder andere over prioriteiten stellen. Prioriteiten stellen is belangrijk: je hebt maar weinig fucks, dus verdeel ze wijs. Je moet wel fucks geven, maar bijvoorbeeld niet om falen of tegenslagen. Het gaat echter ook een groot deel over hoe je jezelf altijd een beter mens kan maken. Maar moet je altijd maar een beter mens worden? Ik vind het doodvermoeiend klinken. 

Daarnaast heeft het ook een depressieve ondertoon, heel erg in het mom van: “Life sucks and then you die”. Waarom zou je het dan doen? Als je je best doet om gelukkig te worden, dan ben je het dus niet. Dit wordt alleen maar door dit boek benadrukt. Een groot deel van het herstellen uit mijn depressie was het positieve in alles zien, hierdoor voelde ik me echt een stuk beter. Ja, soms is het allemaal kut en ik ontken mijn negatieve emoties ook niet, maar ik kom er juist uiteindelijk uit door het positieve erin te zien en emoties toe te laten en bij mezelf te bedenken: emoties hebben een functie. Positief blijven vind ik dus zeker geen armzalige waarde, wat in dit boek wel beweerd wordt. 

Ik snap wel waarom dit boek zo populair is geworden. Het is controversieel en ten opzichte van de al bestaande zelfhulpboeken ‘nieuw’ en er staan veel waarheden en herkenbare situaties in: het krijgen van zenuwen over het hebben van zenuwen, waardoor je in een vicieuze cirkel van piekeren terecht komt: je voelt je slecht, omdat je je slecht voelt. Soms mag je je slecht voelen en dan moet je er dus geen fuck om geven dat je je slecht voelt. Je hoeft niet krampachtig te gaan proberen om je beter te laten voelen, want dan ga je alleen maar die vicieuze cirkel in. Het gaat om het toelaten van emoties en soms die er gewoon te laten zijn: dan worden ze vanzelf minder. Pijn en emoties hebben een functie. Het heeft geen zin deze alsmaar uit de weg te gaan. Je leert ervan. Ik vond dit een sterk punt van dit boek, waar ik veel herkenning in vond. 

De dagelijkse samenleving is erop gericht pijn uit de weg te gaan. Je blijft echter problemen houden. Je kunt slechte en goede problemen hebben. Je kunt dus streven naar ‘betere problemen’. Als je geen probleem hebt, verzint je brein er wel één voor je. Waar je gelukkig van wordt, is het oplossen van problemen. Dus als je streeft naar betere problemen, zijn deze makkelijker op te lossen en word je dus uiteindelijk gelukkiger. 

Er staan dus ook wel goede dingen in. Onder andere het hele idee van ‘verdeel je fucks’ (je kunt niet overal een fuck om geven, dus kies waarvoor je dat wel wil doen) vind ik wel top. Sommige dingen moet je nou eenmaal laten gaan. Ik zou er goed aan doen om dit meer te doen. Mijn favoriete hoofdstuk is hoofdstuk 7. Falen is erger dan het niet proberen. 

“Ergens beter in worden is gebaseerd op ontelbaar veel kleine mislukkelingen en de mate van succes wordt bepaald door hoe vaak je ergens in hebt gefaald”. Hier ben ik het dan wel weer mee eens; ook al ben ik vaak bang om te falen. Falen zorgt er uiteindelijk voor dat je leert, dus waarom zou je er dan bang voor zijn? 

Daarnaast staat er ook een deel in over je kernwaarden. Dit heeft me wel aan het denken gezet – wat zijn eigenlijk mijn kernwaarden? Wat vind ik echt belangrijk in het leven? Ik denk dat één van mijn kernwaarden echt ‘gelijkheid’ of ‘rechtvaardigheid’ moet zijn. Ik heb echt een hele grote hekel aan hiërarchie. Dit zie ik terug in veel aspecten van mijn leven, maar dit heb ik met name in mijn coschappen gezien. De coschappen waarin je als voetveeg behandeld werd, alsof je niet belangrijk was, vond ik de verschrikkelijkste coschappen. Toen ik als medisch student als ondersteuning voor de verpleging werkte, vond ik het ook niet leuk als wij niet werden gebeld voor het eten. Dit zijn slechts enkele voorbeelden wat ik vervelend vind aan hiërarchie en status. Ik vind dat iedereen gelijk behandeld moet worden, of je nou schoonmaker, arts of verpleegkundige bent. Iedereen draagt zijn of haar steentje bij en doet wat hij/zij kan. 

Conclusie: 3/5

Mijn mening is dus verdeeld. Er staan zeker goede dingen in het boek, waar ik mezelf in herkende en waar ik denk dat iedereen wat aan heeft. Daarnaast vond ik de toon van het boek nogal vervelend en arrogant, alsof alles wat er stond waar was. Hier heb ik me van begin tot einde aan geërgerd, waardoor een aantal dingen echt niet bij mij doorkwamen. Het boek deed me wel goed over mezelf en mijn eigen kernwaarden nadenken. 

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s