Pinkeltje in het ziekenhuis

Een paar weken geleden deed ik een trombolyse opvang. Voor diegene die denkt – wat spreekt ze nou weer voor geheimtaal: dit is de beoordeling van een patiënt met een beroerte, waarbij alles heel snel moet, want: time = brain. Dit betekent: hoe sneller je bent, hoe meer hersenweefsel je nog kunt redden. Ik was de dokter en samen met twee mannelijke verpleegkundigen (beiden langer dan één meter tachtig) en een mannelijke coassistent van één meter vijfennegentig deed ik de eerste opvang. Ik ben zelf ongeveer één meter vijfenzestig-  je kan je wel voorstellen dat ik me naast die gigantische mannen net Pinkeltje voelde.

Ik voelde me ontzettend stoer: als ‘klein meisje’ mocht ik de boel leiden. Ik mocht opdrachten geven aan verpleegkundigen en besluiten wat we gingen doen. En dat was extra bad-ass, omdat ik voor de rest omgeven werd door mannen.

Ergens was dit stoere gevoel krom. Steeds meer vrouwen zijn dokter:  ‘we’ zijn al in de meerderheid vanaf 1980. Het is dus allang niet meer ‘a man’s world’. Helaas word ik nog regelmatig ‘zuster’ genoemd, meestal door wat oudere mensen. Je kan denken: ‘ach, dat oude mensje, hij of zij weet niet beter. Vroeger was dat ook nou eenmaal vaak zo, doe rustig en pick your battles’. Ik vind dit toch vaak vervelend. Ik heb toch niet voor niets zo hard gewerkt om dokter te worden? Men kan toch zien dat ik een lange witte jas aan heb? Het zou duidelijk moeten zijn: lange witte jas = dokter, korte witte jas = verpleegkundige. Zo moeilijk lijkt het mij niet.

Mijn mannelijke collega’s hebben dit trouwens nooit. Zij worden nooit ‘broeder’ genoemd. Sterker nog, patiënten gaan er vaak vanuit dat een mannelijke verpleegkundige de dokter is. Niets ten nadele van verpleegkundigen: ik ben helemaal niet ‘beter’ dan zij en ik wil absoluut niet arrogant klinken.

Ik ben erg benieuwd waar deze vooroordelen vandaan komen. Het zijn lang niet altijd ouderen die vrouwelijke dokters zusters noemen, dus ergens moet het idee zijn ontstaan dat dokter een mannenberoep is en verpleegkundige een vrouwenberoep. Dit heeft vast te maken met de natuurlijke ‘verzorgende’ rol van de vrouw en de ‘leidende’ rol van de man. Al in de vroege jeugd wordt dit gedrag ons aangeleerd: jongens krijgen auto’s en meisjes spelen met poppen. Soms kunnen die poppen zelfs huilen en kalmeren ze pas wanneer het kind (dus vaak een meisje)  ze troost. Er zullen echter veel meer verklaringen zijn, die ik helaas niet kan bedenken. Ik hoop dat we snel van dit ouderwetse idee af zijn.